zondag 4 maart 2012

Lekker belerend…

Vanaf een mooie paddenstoelwolk keek God eens goed naar wat hij geschapen had. Een prachtig wereldbolletje vond Hij zelf. Alles zat er op en er aan: water, land, bergen, dalen, beesten, mooie blauwe lucht. En alles deed wat het moest doen. De vogeltjes vlogen, de zeeën golfden, de bloemetjes bloeiden. Alles in een mooi patroon van geboorte, leven en dood. Vissen die hun planktonnetjes aten, tijgers die hier en daar een zebra verschalkten, zebra’s die als een idioot renden voor hun leven, maar stiekem net niet snel genoeg waren (klein geintje om de evolutie te testen), insecten die er voor zorgden dat de rotzooi opgeruimd werd en ga zo maar door. Een prachtige biologische wirwar van allerlei soorten leven dat zich ieder op hun eigen manier ontwikkelde. En dat allemaal op een mooie blauwgroen gekleurde bol, die door middel van aardbevingen, vulkanen en heftige stormen ook nog een steentje bijdroeg aan de evolutionaire balans.  Met liefde dacht Hij terug aan de tijd dat Hij dit allemaal bedacht en gemaakt had en een tevreden glimlach vormde zich op Zijn gezicht. 
De serene overpeinzingen werden echter verstoord door onverwacht bezoek. Zonder Zijn hoofd om te draaien zag Hij de duivel gehurkt naast Hem neer gaan zitten.
“Je zonden aan het overdenken?”, vroeg de duivel.
“Ben jij niet een beetje verdwaald?”, antwoordde God.
“Ja, sorry!”
“Je moet alleen sorry zeggen als je het ook echt meent.”
“Zit wat in, maar als ik alles wat ik zei echt zou menen, zou mijn functie overbodig worden.”
“En dat is een probleem, omdat?”
“Omdat je zonder mij dat stelletje idioten daar beneden helemaal niet meer in het gareel kan houden.”
Het gezicht van God betrok. Tja, de mens… De mens… Satan zag het gezicht van God betrekken.
“Eigen schuld, je hebt ze zelf gemaakt en naar horen zeggen ook nog eens als evenbeeld van jezelf.”
“Als ze een evenbeeld van mij waren geweest hadden ze zich laten leiden door liefde en enkel liefde en dat zie ik nu niet direct terug.”
“’t Is maar net hoe je het bekijkt. Liefde voor jezelf is ook liefde. Liefde voor je volk en je land is ook liefde. Liefde voor het andere geslacht is ook liefde. ‘t Is alleen zo vervelend als andere mensen een gelijksoortige liefde voor hetzelfde object voelen. Of als ze ineens heel veel liefde voor zichzelf hebben, waardoor er niets voor anderen overblijft.”
“Heb uw naaste lief, keer de andere wang toe enzovoorts. Ik dacht toch dat ik dat wel aardig dichtgetimmerd had.”, antwoordde God lichtelijk geïrriteerd. De duivel moest lachen.
“Doen ze ook wel”, zei hij, “man heeft vrouw lief, hij trouwt, krijgt leuk huisje en kindjes. Dan ziet man de buurvrouw naast hem en die vindt hij zo leuk dat hij haar heel snel lief heeft. Dus in die zin houdt hij zich aan het gebod.”
“Ja, ja, ja, je snapt me wel.”
“En ze hebben het fenomeen parenclub en gangbang ontwikkeld en daar is extreem veel liefde aan de gang.”
“Hou eens op jij met die onzin. Dat is gewoon pure dierlijke lust en heeft niets meer met liefde te maken! Net als de hond die instinctief de poeperd van de andere hond besnuffelt.”
“Maar voor hun gevoel wordt er heel veel liefde in dat instinct gestopt.”
De duivel grinnikte. Hij keek ook eens rustig naar het werkterrein onder hem. Het was inderdaad een mooi plaatje van afstand. Schapenwolkjes aan de ene kant die rustig leken te dartelen in hun eigen gebied. Een groeiende orkaan aan de andere zijde, bezig de ecologische balans weer te herstellen. Tussen het afval in de ruimte door kon je het nog net mooi aanschouwen. Naast hem zag hij de melancholiek voor zich uit starende Schepper zitten en begon zelf warempel serieus te worden. Iets wat hij niet te vaak moest doen vond hij zelf.
“Toch is liefde volgens mij wel de basis waar het menselijk ontsporen om draait”, vervolgde hij, “Alleen is het liefde voor eigenbelang en creëert de mens de illusie dit ten behoeve van het welzijn van anderen te doen.”
“Hoe zie je dat voor je?”, vroeg God verbaasd, “Liefde is toch altijd onzelfzuchtig?”
“Dat is de fout in de schepping van de mens, het eeuwig conflict tussen zelfbehoud en behoud van je naaste. Het recht van de sterkste versus barmhartigheid. Zorg dat je meer en beter hebt dan de ander en vertel jezelf in de spiegel dat het goed is dat je dat hebt, zodat je anderen kunt helpen. En met behulp van 21ste eeuwse aflaatpraktijken zorgt de welgestelde mens dat zijn zieltje voor zijn eigen gevoel veilig gesteld is. Een tientje van je miljarden naar ontwikkelingshulp en hoppa. Maak de armen wijs dat werken eervol is en er komen weer tientjes extra terug zonder dat je jezelf schuldig hoeft te voelen. Stukje technologie erbij en je voelt je superverheven boven de rest van de wereld. En wat je dan nog niet hebt probeer je te kopen of kapot te maken en …”
“Ja, ho maar, ’t is nu wel duidelijk dunkt me. Allemachtig, sinds wanneer ben jij zo cynisch geworden?”
“Cynisch? Niets cynisch”, zei Satan, lichtelijk geïrriteerd omdat hij onderbroken werd, terwijl hij zo op dreef was,”’t Is voor mij alleen maar goed voor de handel.”
“Simpel gezegd”, vervolgde God, de opmerking van zijn opponent negerend, “komt het er op neer dat het eigenlijk gewoon beesten zijn die leuke speelgoedjes bedacht hebben. En ze maken er een zootje van. Geweld, extreme seksuele uitspattingen, hebzucht… En dan zichzelf voorhouden dat ze meer zijn dan gewone dieren.”
“Sodom en Gomorra revisited, alleen dan iets groter.”
“Maar hoe krijg je onzelfzuchtige liefde weer terug in zo’n samenleving? Hoe zorg je ervoor dat ze weer eerst aan andere mensen en aan hun omgeving denken?”
God begon weer melancholiek voor zich uit te staren. De orkaan voerde de functie uit waarvoor het bedoeld was aan de oostkant van de wereld. Hij zou later nog wel de nieuwsberichten gaan volgen die er ongetwijfeld weer legio zouden zijn.
“Bommetje erop en ergens anders weer opnieuw beginnen”, antwoordde Satan met een grijns van oor tot oor,”En in het kader van maatschappelijk verantwoorde groei wil ik alle zieltjes wel hebben.”
“Voor de Eeuwigheid?”
“Nee, niet voor de Eeuwigheid, dan beginnen ze bij mij in de toko met hetzelfde geouwehoer. Nee, gewoon even om mee te spelen en ze hun plaats te leren en daarna mag jij ze weer hebben.”
Zijn lippen gingen op standje sip en God liet zijn hoofd moedeloos in zijn handen zakken.
“En bedankt hè! Wat moet ik dan met een stel beesten dat zich geen beesten meer voelt?”
“Misschien kun je de nieuwe versie wat groter maken en dan de oude versie in een kinderboerderij stoppen. Of je maakt er voedsel van voor de nieuwe versie! Dat ze als een soort koeien in een weide mogen rondlopen net zolang tot ze meedogenloos geslacht worden. Of je maakt van de nieuwe versie kannibalen, dan hebben ze een tijdje lang een leuke voorraad. Of…”
“Ja, ho maar weer, strekking wel weer duidelijk. Soms…”
En zo bleven ze beiden nog een tijd moedeloos voor zich uitstarend op hun paddenstoelwolk zitten in de hoop dat de oplossing zich vanzelf aan zou bieden. En zoals de mens God verlaten had, verliet God nu de mens om zijn creativiteit van een ver verleden weer omhoog te halen en grondig te analyseren. En deze keer mocht Satan met hem in discussie, want als oprechte tegenpool kon hij Hem misschien nog van nuttige adviezen voorzien.

woensdag 22 februari 2012

Twee seconden...

Het zand zweefde in sierlijke slingers rond haar blote voeten omhoog. Een zachte wind liet de wijd uitlopende broek tegen het versleten jurkje wapperen dat er achteloos overheen aangetrokken was. Ondanks de warmte droeg het meisje een Westers aandoende  jas met felgele letters op de schouders. Voor haar lengte was het jack veel te groot en het bolde wat vreemd op onder haar vuile gezicht. De armen hield ze slap naar beneden, maar die bleven door de jas een stukje van haar lichaam af hangen. Het ravenzwarte haar krulde wild uiteen, onder het stof,  om te eindigen in dorre dode punten. Twee grote glanzende diepbruine ogen keken zonder emotie de soldaat aan die zijn wapen strak op haar gericht hield.

 Sander hield zonder ook maar een moment te trillen de loop van het semiautomatische geweer  op het voorhoofd van het meisje gericht. Precies in het midden boven haar ogen. De geluiden in de straat waar hij stond hoorde hij niet meer. Zijn volledige aandacht ging naar de ogen voor hem, zoekend naar een twinkeling, een beweging, een moment dat aangaf dat ze iets van plan was. Bij het kraampje links van hem leken de mensen bevroren naar het tafereel te staren. Rechts van hem stonden twee mannen achter een afgebrokkelde muur van een ingestort gebouw. Achter het wilde haar reed een auto voorbij om krakend en piepend links van het gezicht tot stilstand te komen. De bestuurder staarde strak naar de twee figuren in het midden van de straat. Ondanks dat de militair wist dat ze er waren besteedde hij er geen aandacht aan. Op de pantserwagen achter hem zaten twee soldaten die de omgeving scherp in de gaten hielden en Sander wist dat hij blindelings op hen kon vertrouwen.

 Leek daar een lach te verschijnen? Een kleine zachte glimlach? Of wilde Sander dit alleen maar zien? Met een strak gezicht en staalharde blauwe ogen waarin de angst verdrongen werd door militaire concentratie bleef hij haar aanstaren. De emoties die hij hoorde te voelen waren door zijn opleiding en de ervaringen van de laatste weken naar een onbekende diepte verdwenen. De beelden van een maand geleden stonden de soldaat nog helder voor ogen. De wagen voor die van hem werd begroet door een kleine jongen van zo’n 8 jaar schatte hij. Vrolijk lachend en zwaaiend. Het pantservoertuig stopte en een van de militairen opende het luik om het kereltje te begroeten. Het viel ze niet op dat er iets naar binnen werd gegooid. De militair keek vriendelijk glimlachend even om in een reactie op het geluid dat hij hoorde. De aandacht van Sander was even verslapt en op het moment dat hij weer keek was het jongetje verdwenen. Een tel later verdween het voertuig voor hem in een grote bal van vuur en hoorde hij enkel nog het schreeuwen van brandende mannen.

 De zon brandde ongenadig op zijn helm en een zweetdruppel rolde tergend langzaam zijn rechteroog in. Het brandende gevoel negeerde hij. Links van hem waaide wat stof op en een vrouw boog zich voorover om iets te pakken. Instinctief draaide hij zich bijna om, herinnerde zich de pantserwagen achter hem en bleef roerloos staan. Een van de mannen rechts deed zijn rechterarm omhoog en Sander wist dat de man nu zou vallen als er iets verdachts in zijn handen zou zitten. Een half jaar geleden hadden ze dat, naïef als ze waren, nog over het hoofd gezien. Het meisje, ongeveer 12 jaar oud, had daar handig gebruik van gemaakt. De verkenners liepen door de stad en werden afgeleid door het speelse gedrag van het meisje. Met bloemen in de hand kwam ze huppelend op hen af en met vrolijke ogen brabbelde ze iets onverstaanbaars om vervolgens een arm met een bloem naar hen uit te steken. Alle vier keken de soldaten ontspannen naar het kind en ze voelden zich welkom. Even snel als ze gekomen was rende ze weer weg en even later spatte het bloed van een van de militairen op het gezicht van Sander en de soldaat naast  hem viel roerloos neer. Instinctief dook hij achter een kist en dat redde zijn leven. De tweede soldaat zakte langzaam door de knieën en greep naar zijn keel waar een fontein van rode vloeistof uit spoot. De derde kon met uiterste krachtinspanning naar een muurtje rennen en zich daarachter verbergen, terwijl het zand achter zijn voeten omhoog spatte. Even snel als het begon was het weer voorbij. In de verte zag hij het meisje de hoek omgaan en een steeg in vluchten.

 Diepbruine ogen waar een schoonheid in verborgen lag als de ochtendnevel boven de weiden in het vroege najaar bij het dorp waar hij vandaan kwam. Ergens in de diepte daarvan zag hij haar toekomst voor bij gaan. De school die hij en zijn maten voor haar zouden bouwen, voldoende voedsel door grote vrachtwagens aangevoerd, dansende kinderen op de speelplaats aangelegd met behulp van de machines die ze hadden meegenomen. En als ze groter was zou ze gaan studeren op de universiteit in de hoofdstad die herbouwd was. In prachtige kleding werd ze een vooraanstaand lid van de nieuwe politiek die het land zou besturen en haar lach zou betoverend zijn. Een druppel zweet rolde naar zijn kin en viel als zoute regen naar de uitgedroogde grond onder zijn voeten. Oorverdovend spatte de druppel uiteen en sijpelde weg tussen de losse korrels. Het meisje reageerde op het geluid door met haar donkerbruine ogen snel naar links te bewegen. Haar rechterarm bewoog een fractie naar de opbollende Westers aandoende jas met felgele letters. Twee seconden… Twee seconden voor hij zijn beslissing genomen had. Twee seconden nadat hij haar voor het eerst ontmoet had haalde hij de trekker over…

dinsdag 21 februari 2012

Azijnpisser

Soms denk ik in geel
stromend in de hoek
van een donk're steeg

opluchting is mijn deel
het zuur azijn zoek
mijn hoofd weer leeg

En ach

Zou ik mij verbijten
Met geledigde blaas
Is er wel een gaatje
Om als menig dwaas
Het restant via het naadje
ergens uit te schijten

©Kain

zondag 19 februari 2012

Waar het allemaal begon: Schijtsterretje

Schijtsterretje

‘Kent u dat wel? Gaat u onderweg met uw auto en zomaar floep een sterretje in het raam! Het is dan heel belangrijk dat u dit sterretje snel repareert, anders wordt het sterretje een grote scheur! Dan moet u het hele raam vervangen en dat is duur. Wees  er bijtijds bij en laat het sterretje door Carglass repareren. En bent u verzekerd dan is reparatie in de meeste gevallen gratis!’
Vooral dat laatste, daar wordt ik echt helemaal psychopathisch van. ‘Bent u verzekerd, dan is het in de meeste gevallen gratis!’ Dan wil ik nog niet eens beginnen over het sterretje dat een grote scheur kan worden en dat in voorgaande spotjes door een anaalgefixeerd koorknaapje gebracht werd op een manier dat het leek alsof hij al voorover gebogen over de motorkap van een auto lag om genomen te worden door de lokale bedrijfsleider.
‘Kijk jongen, zal ik van jou sterretje eens een hele grote scheur maken, gnagnagna.’
Maar sinds wanneer zijn zaken wanneer je verzekerd bent gratis? Premies kosten dus niets? Dat ik mijn hele leven krom moet liggen om me uit voorzorg te verzekeren tegen waterschade, stormschade, botsautoschade, huwelijksschade, inboedelschade, schadeschade, tennisarmschade, zorgschade, rechtsschade, kinderopvoedingsproblematiekschade is alleen maar een duistere hobby? Die verzekeringen heb je voor de vorm, de reparaties aan huis, boot, hond, vrouw zijn gratis, kost geen drol, helemaal niets? De maandelijkse geldbedragen zijn dus alleen maar giften ter meerdere eer en glorie van de AEX-index?
‘Nee, meneer, bij ons bent u goed verzekerd hoor. Alle reparaties zijn gratis en ondertussen draagt u uw steentje bij aan de groei van een maatschappelijk verantwoorde multinational. Wij zorgen ervoor dat uw geld goed terecht komt en dat de beleggingswinsten op de juiste plaats terechtkomen, zodat u voor altijd verzekerd blijft van kostenloze handelingen!’
NOT! Ik kan al niet eens normaal dood gaan zonder dat ik mij scheel moet betalen aan een grafkist met zijden bekleding, zodat ik vervolgens rustig wegrot in  het niets! Zelfs voor de ligplaats moet al na een bepaalde periode huur betaald worden en ook daarvoor kan een mens zich bijverzekeren.
‘Maar, meneer, stel u nu voor dat over 100 jaar uw achterkleinkinderen uw graf willen bezoeken.’
Koop je een huis moet je een opstalverzekering hebben voor het geval de boel door een aardbeving of bosbrand tot aan de fundamenten ineenstort, want dan kan je het weer herbouwen. Ik heb verdomme het huis gekocht! Als ik er een paddenstoel van wil maken en die vervolgens met zonnebloemolie in de fik wil steken is dat mijn eigen zaak! Het is mijn eigendom! En als ik dan van de stress van het verzekeren ziek wordt moet ik me weer bijverzekeren, omdat verzekeringsstress niet binnen het pakket van vergoedingen valt!
Dus Carglass-meneer, hoezo GRATIS??? Weet je wat pas gratis is? Als ik diezelfde meneer tegenkom en dan op zoek ga naar zijn sterretje. Dan zal ik die met zijn eigen HPX2 hars repareren, zodat hij voortaan voorovergebogen over het toilet zijn lichamelijke afvalstoffen naar buiten moet werken. Dan zal hij weten wat het betekent om ‘poep’ te praten. Daarna gaan we naar de bedenker van de spotjes om hem te laten zien wat het betekent als je sterretje een scheur wordt. Met die scheur kan hij dan naar zijn zorgverzekering en rustig vragen: ‘maar als ik verzekerd ben is reparatie toch gratis?’
Agressiviteit is niet bepaald één van mijn kenmerken, maar als dit soort spotjes voorbij komen gaan er haren overeind staan waarvan ik niet eens wist dat ik ze had. Bijna express wil ik dan een steentje tegen de voorruit van mijn auto gooien, zodat er een mooi verleidelijk sterretje ontstaat, dan naar een parkeerplaats bij een willekeurige supermarkt rijden op een dag dat ze net bezig zijn te vertellen dat reparatie gratis is en dat ze dat wel even voor u willen doen. Dan ga ik net zo lang wachten tot ik de aandacht heb getrokken en op het moment dat ik ze met opgewonden oogjes naar de auto toe zie lopen met in hun hoofd enkel de gedachte ‘kijk, een sterretje, wat een mooi sterretje, zie jij dat sterretje ook? Wat een prachtig mooi sterretje!’ dan geef ik gas en zorg ik dat het sterretje een hemelsbrede scheur wordt.
Regelmatig vraag ik me af wie dit soort tergende commerciële uitingen bedenkt. Zijn die mensen ooit misbruikt in een ver verleden en doen ze nu aan post-traumatische stress therapie door hun ondergedrukte gevoelens te botvieren op autoramen? Beetje met het idee van: ‘was ik vroeger maar op tijd gratis gerepareerd, dan was mijn sterretje geen scheur geworden.’ Of zijn het ex-psychiatrische patiënten die jarenlang met pleinvrees in een hokje van twee bij twee hebben gezeten met één raam dat toevallig net in een hoekje gebarsten was, doordat de plaatselijke zeemeeuw gedesoriënteerd links in plaats van rechts vloog? ‘Gaatje moet dicht! Gaatje moet dicht! Help, gaatje moet dicht! Buitenwereld komt binnen! Help!’
En de wel door de verzekering vergoede therapeut raadde hem aan om ramen te gaan reparen om zo met zijn angst voor het grote boze buiten om te leren gaan. Na enkele jaren knutselen, kleien, tekenen kon hij eindelijk aan de slag bij een reclamebureau dat grossierde in sterretjes.
En dat is dan allemaal nog niet het ergste, het is tenslotte ook een kind van iemand en beïnvloed door zijn omgeving, zijn ouders, zijn school, zijn kerk, zijn sportvereniging met knuffelige trainer/coach. Zo iemand moet ook zijn eigen problemen door worstelen. Maar de vraag blijft dan: Waarom? Waarom had hij het in godsnaam niet gewoon kunnen houden op een sterretje reparen voordat het een scheur wordt? Waarom moet die toevoeging gratis erbij? Waarom? HET IS NIET GRATIS ALS JE AL JAREN PREMIE BETAALD!

Zo, dat ben ik tenminste even kwijt

donderdag 16 februari 2012

Spiegel

In het verleden ligt verborgen
De onvoorspelbare ruwe weg
Naar het onbekende morgen
Ik weet, ik denk, ik zeg
Mijn persoon ben ik! Geen zorgen

Maar velen langs het pad
Praten op me in, hard en zacht
'Wat denk jij? Dat je had?'
En trokken mij met kracht
Weg van dat... ja wat?

De ochtend, een nieuwe morgen
Maakte dat iets in mij zei
Ik ben, ik dacht, ik zei geborgen
Er is geen echte, werkelijke mij
Die is door het verleden verborgen

© Kain

maandag 6 februari 2012

Carglass GmbH & Co. KG

"He du, Hans, pas auf!"
"Was ist los Franz?"
"Glücklich bin ich zeitig dabei! Hast du dein Stern nicht gesehen?"
"Was meinst du Hans?"
"Na Franz, dein riesen Stern, dort an der hintenseite!"
"Ach du mein Lieber Gott! Das ist ja nicht Affengeil, so ein große Stern!"
"Nein da must du gut aufpassen, bevor es ein großes Riß wird!"
"Na, Franz, bin ich froh das du da bist! Kannst du etwas für mich tun?"
"Aber naturlich Hans, ich komme immer gut gepackt, das weisst du doch?"
"Was ist in mir gefahren naturlich weiss ich das. Ich werde mahl umkehren, da du besser den Stern erreichen kannst."
"Super toll Hans, das ist eine sehr gute Idee. Dann werde ich dein Stern füllen mit mein spezieller Harz, weiß und stark."
"Ich bin dir so dankbahr Franz! Schau mal gut, noch ein bisschen weiter und meine Stern wurde ein Riß sein! Komm schnell mit dein Harz, damit wir das gut füllen können."
"Kein Problem Hans, nur ein paar Sekunden und du kannst ruhig weitermachen ohne sorgen."
"Aber Franz!"
"Ja Hans?"
"Was kostet mir denn das?"
"Hanzie, Hanzie, Hanzie..."
"Nah, Franz?"
"Nichts! Gar nichts! Du bekommst mein weisses Harz umsonst! Du hast ja ein gute Versicherung der deine Stern abdeckt, nicht war?"
"Ja, das stimmt. Ach du Franz, wenn du nicht da warst, dann wäre ich nie gefüllt, vielen dank!"
"Das ist was wir machen Hanzie. Nun, jetzt werde ich schnell gehen und weiter bauen an mein Plastik Modelbausatz von eine Opel. Viel Glück und wenn du mir brauchst du kennst die Nummer!"
"Sicherlich Franz, ich werde die Nummer nie wieder vergessen. Es ist ja umsonnst!"
"Und vergesse das nie!"

© KAIN

woensdag 1 februari 2012

Grote Beer

Zo vaak kan ik haar niet zien, maar op de momenten dat ik van haar gescheiden ben is ze toch bij mij. Het bewijs zie ik iedere ochtend als ik naar buiten stap, de frisse ochtendlucht in. Ik aanschouw de wolkenloze hemel en zie, daar, recht boven mij, staat de Grote Beer te stralen aan de donk're hemel.
En zo is het net alsof ik naast haar wakker word. Ze kent niet alle sterrenbeelden, maar van deze weet ik dat het haar favoriet is. Iedere dag begint op die manier met een lach. Want ik weet, hoe ver weg ze ook is, ze staat in ieder geval samen met mij op. Stralend en groot.

© KAIN